Geschatte leestijd: 10 minuten

De Levensvreugde

Kitty had een gokverslaving, net zoals tienduizenden andere Nederlanders. Ze leende geld van een vriendin dat ze vervolgens niet terugbetaalde, wat voor de vriendschap niet echt bevorderlijk was. Wat het voor de begeleiders van Kitty zo ingewikkeld maakte, was dat Kitty het niveau had van een tienjarig kind. Maar toen kwam ze met een verklaring waar zelfs ik geen speld tussen kon krijgen!

Kitty dreigde in grote financiële problemen te komen. Niemand wist precies wat ze met haar geld deed, maar nog voor dat de maand goed en wel begonnen was, was haar uitkering al helemaal op en bleven de maandelijkse rekeningen onbetaald. Nu waren die maandelijkse rekeningen niet zo heel erg spannend – het ging enkel om haar zorgverzekering, de CAK eigen bijdrage, haar telefoonabonnement en wat andere kleine maandelijkse kosten – want Kitty woonde in een beschermde woonvorm.

De eerste keer dat ik kennis maakte met Kitty was bij ons op kantoor. Ze was een kleine, wat mollige dame van begin zestig met haar als een vogelnestje en een kunstgebit dat klepperde. Ze moest eigenlijk naar de tandarts om het kunstgebit op te laten vullen omdat haar kaak flink geslonken was, maar Kitty had daar allemaal geen zin in, zo liet haar begeleidster Esther me weten.

Ik merkte al snel dat Kitty een flinke beperking had en qua gedrag niet veel ouder was dan een tienjarig kind. Tot een jaar geleden waren er geen problemen op het gebied van financiën, maar het laatste jaar was dat veranderd. Ze was door haar zorgverzekering al aangemeld als wanbetaler bij het CVZ (College voor Zorgverzekeringen, tegenwoordig loopt dit via het CAK) en haar mobiele telefoonabonnement was geblokkeerd omdat ze al enkele maanden de facturen niet betaald had. Sterker nog, ze had vele uren naar het buitenland gebeld waardoor er nu een factuur openstond van ongeveer vijftienhonderd euro. Ze had dan ook naar het verre Mexico gebeld, waar haar familie woonde.

Ze ontving een WIA uitkering van bijna zestienhonderd euro, samen met zorgtoeslag (waar nu beslag op was gelegd door de zorgverzekering). Verder was het allemaal niet zo ingewikkeld dus het duurde dan ook niet lang voordat ik de financiën overgenomen had en regelingen getroffen had met de schuldeisers. Binnen een jaar zouden alle schulden afbetaald zijn.

Nadat ik het hele financiële plaatje inzichtelijk had, plande ik weer een afspraak in. Deze keer bij Kitty op de woonlocatie.

De voordeur werd opengedaan door Esther en een enthousiaste Kitty. Achter hen in de gang stonden een aantal medebewoners me nieuwsgierig aan te kijken. Het was blijkbaar een hele happening, mijn bezoekje. Volgens Esther gebeurde het niet vaak dat een bewindvoerder bij hen langs kwam.

‘Kitty,’ zei Esther nadat ze de pottenkijkers naar de woonkamer had gestuurd, ‘waarom laat je Mariëlle niet je kamer zien?’

En zo ging Kitty me voor, een lange gang door met helemaal aan het einde de deur naar haar kamer. ‘Kom kom!’ riep ze en met een brede grijns opende ze de deur.

Ik liep achter haar aan en stapte een soort rokershok binnen.

Nou ja, het was wel echt haar kamer. Langs de ene muur stond een eenpersoonsbed met een nachtkastje ernaast. Tegen een andere muur stond een dressoir en een kledingkast met daarnaast een stoel die bedolven was onder een berg kleding en kussens. In het midden van de kamer stonden drie compacte fauteuils met een tafeltje (met overvolle asbak) en tegen de muur direct naast de deur bevond zich een soort keukentje met drie onderkastjes, een wasbak en een koelkast.

Het was rommelig, de meubeltjes zagen er compleet versleten uit en het stonk. De muren en het plafond waren nicotine-geel/bruin gekleurd, de ramen zaten potdicht en de gordijnen waren maar op een kiertje opengeschoven waardoor er amper daglicht binnenviel. Het hele tafereel werd verlicht door een hanglamp aan het plafond met een gele stoffen lampenkap.

‘Zit, zit,’  zei Kitty terwijl ze gebaarde naar een van de fauteuils. Zo te zien vond ze het helemaal geweldig dat ze bezoek kreeg.

Esther, die met ons mee was gelopen en op de stoel naast me ging zitten, vroeg me: ‘En? Wat vind je er van?’

‘Poeh,’ zei ik. Ik keek met een schuin oog naar Kitty, die nog steeds stond te glunderen.

‘Twee jaar geleden hebben we haar hele kamer opgeknapt en van nieuwe meubels voorzien,’ vertelde Esther. Ze maakte een wijds armgebaar. ‘En zie hier het resultaat van twee jaar Kitty.’ Ze wendde zich tot Kitty. ‘Volgens mij heb je de ramen niet opengezet hè, zodat het een beetje door kon luchten?’

Kitty begon te giechelen. ‘Dat ben ik vergeten,’ antwoordde ze met een kinderlijk stemmetje. ‘Sorry!’ riep ze er schaapachtig achteraan.

Esther schudde haar hoofd en haalde haar schouders op. ‘Roken in de algemene ruimtes in niet toegestaan, maar aangezien dit een privéruimte van Kitty is, kunnen we haar niet verbieden om hier te roken. Alleen als wij hier zijn, kunnen we haar vragen om even niet te roken…’

‘Mariëlle, Mariëlle!’ onderbrak Kitty haar. ‘Wil je wat drinken? Ik heb water of cola.’ Ze pakte een dienblad uit de keuken waar allemaal voorverpakte koeken op lagen. ’Ik heb ook wat lekkers gekocht voor je.’

Ik keek naar de vieze vaat die op het aanrechtblad stond en besloot dat ik het niet aandurfde om iets te drinken aan te nemen. ‘Ik heb vlak voordat ik hierheen kwam al een kopje koffie op, dus ik hoef niets te drinken. Maar ik lust wel zo’n lekkere koek. Wat lief dat je die speciaal voor mij gehaald hebt!’

Met een stralende lach op haar gezicht duwde ze het dienblad onder mijn neus. Ik koos voor een gevulde koek. ‘Lekker Kitty, dank je wel.’

Ze ging tegenover me zitten en keek me verwachtingsvol aan.

Ik pakte haar budgetplan erbij en legde in zo simpel mogelijke bewoording uit hoe die eruit zag. Hoeveel geld ze per week zou krijgen voor boodschapjes (eten deden ze als groep, daar hoefde ze dus niet zelf voor te zorgen), hoeveel er betaald werd om de schulden af te lossen en hoeveel ze elke maand dan overhield om van te sparen.  

‘Maar Mariëlle, ik moet ook Nel nog terugbetalen,’ zei Kitty jammerend.

“Wie is Nel?’ vroeg ik.

‘Mijn vriendin!’ riep ze.

‘Nel is ook een bewoonster van onze groep,’ legde Esther uit. ‘We zijn er achter gekomen dat Kitty een flink bedrag van haar had geleend met de belofte om dat terug te betalen met haar vakantiegeld. Alleen heeft Kitty dat niet gedaan dus nu is Nel een beetje boos op haar.’

Kitty keek me sip aan en knikte. ‘Nu ben ik heel verdrietig.’

‘En hoeveel heb je dan geleend van Nel?’ vroeg ik haar.

‘Tweeduizend euro.’

Ik knipperde even met mijn ogen. ‘Je hebt tweeduizend euro van je vriendin geleend?’

Ze knikte weer.

‘Wel, dan ben ik bang dat je budgetplan nog wat gaat veranderen. Want we moeten nu ook iedere maand Nel gaan betalen, vind je niet?’

Ze haalde haar schouders op en leek niet echt overtuigd van die noodzaak.

‘Waar heb je al dat geld eigenlijk aan uitgegeven?’ vroeg ik.

Ze haalde weer haar schouders op.

‘Nou,’ zei Esther, ‘toevallig zijn we daar net achter gekomen. Blijkbaar gaat Kitty verschillende keren per week naar de kroeg een stukje verderop, waar zo’n gokkast staat. En dát is waar haar geld aan op gaat.’

‘Goh,’ wist ik uit te brengen.

Kitty keek me strak aan.

‘We zijn al een aantal keren langsgegaan bij ze om te vragen of ze Kitty de toegang willen weigeren, maar daar wordt alleen maar hard om gelachen door de eigenaar.’ Esther snoof verontwaardigd.

‘Heb je daarom geld geleend van Nel?’ vroeg ik aan Kitty.

Die knikte langzaam, een beetje schuldbewust deze keer.

‘Nou, dan gaan we haar zo snel mogelijk terugbetalen. En vanaf nu mag je van niemand meer geld lenen.’ Ik keek naar Esther. ‘Kun jij dat doorgeven aan Nel? Als ze weer geld leent aan Kitty zal ik dat zien als een gift, want ik geef er geen toestemming voor.’

‘Ik zal het hier wel doorgeven aan alle bewoners, want volgens mij leent ze ook wel eens iets van anderen.’

Kitty keek nu naar me alsof ze betrapt was met haar hand in de koekjestrommel.

We bespraken nog een aantal andere zaken, zoals haar mobiele telefoon. Ik opperde dat ze voortaan naar Mexico kon bellen via een online oplossing (zoals bijvoorbeeld Skype, dat toen helemaal hip was) maar volgens Esther was dat geen optie. Dat zou voor Kitty veel te ingewikkeld zijn. We kozen er dus uiteindelijk voor om een prepaid abonnement aan te vragen. Op die manier konden de kosten in ieder geval niet meer te veel oplopen. Kitty leek het allemaal wel prima te vinden.

Nadat ik de gegevens op het budgetplan had aangepast met de aflossing voor Nel, namen we afscheid van elkaar. Kitty duwde me snel nog een koek in mijn handen voor onderweg, waar ik haar uiteraard hartelijk voor bedankte. Bij de voordeur werd ik enthousiast uitgezwaaid door een aantal van de pottenkijkers. Al met al was het bezoekje voor mij ook een hele happening geweest…

In de maanden die volgden kabbelde het rustig voort. Alle schulden werden netjes afgelost en er kwamen geen nieuwe verrassingen aan het licht. Op een dag werd ik gebeld door Kitty.

‘Mariëlleeee,’ begon ze. ‘Ik heb centjes nodig.’

‘Waar heb je extra centjes voor nodig?’ vroeg ik.

‘Ik ga weg,’  antwoordde ze.

Op de achtergrond hoorde ik Esther een beetje souffleren. ‘Zeg maar dat je een dagje uitgaat met alle bewoners.’

‘Oh ja,’ antwoordde Kitty haar op harde fluistertoon. ‘Ik ga naar de dierentuin!’ zei ze weer tegen mij.

‘Wat leuk Kitty, dan zal ik ervoor zorgen dat je wat extra geld gestort krijgt. Daar kunnen we mooi je spaarpotje voor gebruiken.’

‘Oké! Dank je wel Mariëlle!’ en ze hing weer op.

Een paar minuten later werd ik gebeld door Esther.

‘We proberen Kitty een beetje meer zelfstandigheid te leren. Vandaar dat ze jou zelf moest bellen van mij. Ik hoop niet dat je dat vervelend vind?’

‘Nee hoor, absoluut niet, ik vind de gesprekken met haar juist erg grappig,’ antwoordde ik. ‘Ik vind het geen enkel probleem als ze mij af en toe zelf belt. Mocht ik het idee hebben dat het niet helemaal goed gaat, dan zal ik je dat wel doorgeven.’

We spraken af dat Kitty tot vijftig euro per keer om extra geld mocht vragen. Voor noodgevallen maakte ik een aparte spaarpot aan. Kitty had dan de eigen regie, maar wel met duidelijk kaders en grenzen. 

En zo brak er een periode aan dat Kitty bijna wekelijks wel belde voor extra geld. Haar belletjes begonnen steevast met een langgerekte “Mariëlleeeee” op een hele kinderlijke toon. Meestal vroeg ze dan om extra geld voor het een of ander maar het gebeurde ook wel eens dat ze hele vreemde dingen zei.

‘Mariëlleeee, ze hebben met gebeld!’ riep ze een keer.

‘Wie heeft je gebeld Kitty?’

‘De politie,’ zei ze met een piepstemmetje.

‘Oh, en waarom heeft de politie jou gebeld?’

‘Ze komen me arrestereheeeen,’ brulde ze.

‘De politie heeft jou gebeld omdat ze je komen arresteren?’ vroeg ik verbaasd.

‘Jahaaaa,’ jammerde ze. ‘Omdat ik heel veel boetes heb!’

Wat wellicht goed is om te weten, is dat Kitty aan schizofrenie leed en het leek erop dat ze op dit moment in een psychotische periode zat.

‘Nou,’ reageerde ik, ‘goed dat je me dan belt. Ik ga het voor je oplossen hoor Kitty.’

‘O Mariëlleeeee, komen ze me dus niet halen?’ vroeg ze.

‘Nee hoor, ze komen je niet halen. Belde je ook nog voor iets anders?’

Dat was niet het geval en opgelucht hing ze weer op. Ik belde direct even naar Esther om haar door te geven welke gesprek ik had gevoerd met Kitty.

‘Ah, fijn dat je het doorgeeft,’ reageerde ze. ‘We gaan het extra in de gaten houden en overleggen met de psychiater. Misschien dat de medicatie wat aangepast moet worden.’

Gelukkig kwamen zulke periodes niet heel vaak voor en meestal was Kitty dan ook gewoon, nou ja, Kitty. Kinderlijk, grappig maar soms enorm drammerig wanneer ze iets wilde wat niet mogelijk was. Ach, dat was ik wel gewend, ze was daar lang niet de enige in.

Begin mei vroeg Esther of ik weer een keer langs wilde komen, want er moest iets besproken worden. Dus enkele weken later werd ik weer net zo enthousiast en nieuwsgierig welkom geheten door Kitty en de pottenkijkers. Kitty, Esther en ik liepen weer naar de kamer van Kitty, maar deze keer liep ook Jeroen mee, de psychiater.

‘Kitty,’ begon Esther nadat we allemaal zaten, ‘ waarom vertel je Mariëlle niet waarom we deze afspraak hebben?’

Kitty keek me bezorgd aan. ‘Ik heb centjes geleend.’

Ik zette een heel streng gezicht op. ‘Centjes geleend? Oh jee. Van wie?’

‘Van Nel,’ ze keek me schaapachtig aan.

‘Aha, en hoeveel centjes?’

‘Vijftienhonderd.’

‘Zo, dat is weer een heel groot bedrag.’

‘Maar Kitty heeft zelf al bedacht hoe ze dit kan terugbetalen, toch Kitty?’ Esther kinkte haar bemoedigend toe.

‘Met mijn vakantiegeld,’ antwoordde Kitty.

‘En heb je dat ook al besproken met Nel?’ vroeg ik.

Ze knikte. ‘Nel vindt dat goed.’

‘En wat heb je met al dat geld gedaan?’

Ze perste haar lippen op elkaar.

‘Heb je er mee gegokt?’

‘Ja,’ antwoordde ze.

Poeh, bij een volwassen persoon met zijn volle verstand is het al superingewikkeld om een gokverslaving aan te pakken. Voor iemand zoals Kitty moet dat helemáál niet te doen zijn.

Ik richtte me tot Jeroen. ‘Hoe kijken jullie hiernaar?’

Hij liet me weten dat er wel eens gesprekken over gevoerd werden, maar een goede behandeling was gezien het niveau van Kitty zo goed als onmogelijk.

Ik knikte en richtte me weer tot Kitty. ‘Vind je het niet een beetje jammer dat je straks helemaal geen vakantiegeld hebt voor leuke dingen? Gokken is best een beetje zonde.’

‘Maar Mariëlleeeee, it’s my joy of life!’ riep ze wanhopig.

Huh, hoorde ik dat nou goed? ‘Wat zei je nou? Je joy of life?’

‘Jaahaaaa, mijn JOY OF LIFE!’ brulde ze.

Ik keek weer naar Jeroen, die zijn lippen op elkaar perste en zijn schouders ophaalde. Esther hield een hand voor haar mond maar de pretlichtjes in haar ogen ontgingen me niet.

‘Je joy of life,’  herhaalde ik nog een keer.

Kitty keek me heel serieus aan en knikte bevestigend.

Ik moest een beetje grinniken. ‘Nou dame, je weet het allemaal heel goed te verkopen. Goed, zolang iedereen het erover eens is, en zolang jij,’ ik keek weer heel streng naar Kitty,’ er voor zorgt dat je niet méér gokt dan de centjes die je hebt, zul je mij er niet over horen.’

Want serieus, wie was ik om Kitty haar “joy of life” te ontnemen…

Wil je niets missen van mijn verhalen? Meld je dan hier aan voor de nieuwsbrief.

Vond je het een interessant verhaal, of misschien juist grappig of ontroerend? Je kunt mijn werk steunen door een duimpje te geven, het verhaal te delen of door hieronder een bericht achter te laten.

Laat een reactie achter

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

2 gedachten over “De Levensvreugde”

  1. Annie Van Doorn Voois

    Whahaha het kan maar je, ‘joy of life’, zijn 😂😂😂
    Geweldig verhaal Marielle, ik moet natuurlijk gelijk aan Ron denken.
    Herken bepaalde manieren van denken en doen, heb er altijd veel plezier in gehad.

    Heel beeldend en leuk geschreven, ik was even mee uit naar Kitty 😅😂

    1. Ik kon er inderdaad niets tegenin brengen, hahaha
      En ik snap zo goed dat je veel plezier hebt gehad met en om Ron (ik denk trouwens ook nog regelmatig aan hem).
      Sommige klanten, zoals Kitty, zorgden bij mij ook voor veel lol!

Je kan de inhoud van deze pagina niet kopiëren

Scroll naar boven